Met meterspoor bedoelt men bij tramwegen een spoorbreedte van 1.067 millimeter, een vorm van smalspoor. De naam kaapspoor komt van de Kaapprovincie in Zuid-Afrika waar deze spoorwijdte op grote schaal werd toegepast. Ook nu nog is kaapspoor in Zuidelijk en Centraal-Afrika een veel gebruikte spoorwijdte. Ook in Japan, Taiwan, Indonesië, Australië en Nieuw Zeeland komt deze spoorwijdte voor.
Met meterspoor bedoelt men bij tramwegen een spoorbreedte van 1.067 millimeter, een vorm van smalspoor. De naam kaapspoor komt van de Kaapprovincie in Zuid-Afrika waar deze spoorwijdte op grote schaal werd toegepast. Ook nu nog is kaapspoor in Zuidelijk en Centraal-Afrika een veel gebruikte spoorwijdte. Ook in Japan, Taiwan, Indonesië, Australië en Nieuw Zeeland komt deze spoorwijdte voor. In Nederland is kaapspoor veel gebruikt door stoomtrammaatschappijen, en de stadstrams in Arnhem en Nijmegen. Ook de meeste tramnetwerken in de provincie Noord-Brabant hadden deze spoorwijdte. Deze netten zijn bijna allemaal in de periode van de jaren '30 tot '60 ontmanteld. Deze spoorwijdte werd het laatst gebruikt door de Rotterdamsche Tramweg Maatschappij (RTM) tot 1966. Alleen het museum dat voortgekomen is uit de Tramweg-Stichting en veel van het materieel heeft overgenomen van de RTM heeft sinds de jaren '90 op de Brouwersdam een spoor van 1.067 mm liggen.