Het woord acoliet wordt in het dagelijks taalgebruik met verschillende betekenissen gebruikt:
* Tot 1972 was een acoliet een wijding, de hoogste van de vier lagere wijdingen, die aan het subdiaconaat in de rooms-katholieke Kerk voorafgingen. Hierna zijn de lagere wijdingen in het grootste deel van de katholieke Kerk afgeschaft. Sindsdien is het een dienst; (ook wel: aanstelling) die mannelijke misdienaars desgewenst kunnen ontvangen. Ook wel: acoliet met een vaste aanstelling (tot de bediening) genaamd. Deze aanstelling ontvangt men van de bisschop.
* (meest gebruikelijk:) een oudere misdienaar. Ook wel: acoliet met een tijdelijke aanstelling (tot vervulling van taken bij liturgische handelingen) genaamd. Deze aanstelling ontvangt men van de voorganger.
* (figuurlijke betekenis:)
Het woord acoliet wordt in het dagelijks taalgebruik met verschillende betekenissen gebruikt:
* Tot 1972 was een acoliet een wijding, de hoogste van de vier lagere wijdingen, die aan het subdiaconaat in de rooms-katholieke Kerk voorafgingen. Hierna zijn de lagere wijdingen in het grootste deel van de katholieke Kerk afgeschaft. Sindsdien is het een dienst; (ook wel: aanstelling) die mannelijke misdienaars desgewenst kunnen ontvangen. Ook wel: acoliet met een vaste aanstelling (tot de bediening) genaamd. Deze aanstelling ontvangt men van de bisschop.
* (meest gebruikelijk:) een oudere misdienaar. Ook wel: acoliet met een tijdelijke aanstelling (tot vervulling van taken bij liturgische handelingen) genaamd. Deze aanstelling ontvangt men van de voorganger.
* (figuurlijke betekenis:) volgeling, aanhanger